Home
NL
bedrijf
restauratie
onderzoek
taxatie
referenties
symposium / lezingen
workshop
fine art
contact
DE
FR
ENG
SP
J.F. Hoppenbrouwers (1819-1866) voor de behandeling (fragment)
J.F. Hoppenbrouwers (fragment) na de behandeling


Restauratie

 

Door een voorwerp te restaureren worden (ondanks de onomkeerbare effecten van veroudering)  de 'leesbaarheid' en oorspronkelijke functie verduidelijkt. 

Het ingrijpen in het object gaat vaak gepaard met het weghalen van bij eerdere ‘restauraties’ toegevoegde materialen die het beeld verstoren. Ook worden nieuwe materialen toegevoegd, bijvoorbeeld om oude schades te verhullen. 

Restauratie heeft doorgaans esthetische implicaties.

 

 -   verwijderen van vergeelde toplagen zoals vernissen, was, etc.

 -   verwijderen van oude verkleurde overschilderingen en retouches

 -   totaal of gedeeltelijk aanvullen van ontbrekende delen

 -   vullen en retoucheren van lacunes in verflagen

 -   aanbrengen van slotlagen zoals vernissen

 

 

Actieve conservering

 

Dit betreft handelingen aan het object met het doel verder verval of schade te voorkomen. Hiermee worden alle handelingen aangegeven die erop gericht zijn de bewaaromstandigheden van kunstvoorwerpen te optimaliseren. 

De restaurator heeft o.a. te maken met:   

  

-   verwijderen van vuil, schimmel e.d. 

-   vastzetten van loslatende onderdelen of afbladderende verf

-   verwijderen van slecht functionerende steunconstructies

-   aanbrengen van nieuwe steunconstructies 

-   verbetering van inlijstingen en ophangsystemen   

 

 

Passieve conservering  

 

-   de controle en beheersing van temperatuur, licht en vochtigheid

-   de filtering van verontreinigde lucht

-   brand en inbraakpreventie

-   de ontwikkeling van een calamiteitenplan

-   het correct verpakken van kunst en begeleiden van kunsttransporten

-   voorlichting aan eenieder die kunstvoorwerpen hanteert




   wat kunt u zelf doen...?


        Zorg voor preventieve conservering: maatregelen die het verval  van voorwerpen zoveel mogelijk afremmen. 

        Kijk uit met licht en warmte: deze versnellen het natuurlijke verouderingsproces en kunnen grote schade toebrengen aan de kunstvoorwerpen: kleuren verschieten, de materialen verouderen sneller

        Gloeilampen en halogeenlicht geven veel warmte af. De meeste halogeenlampen zorgen voor een hoge hoeveelheid UV-straling; de gloeilamp zorgt voor enorme hitte. Vermijd schilderijlampen die aan de lijsten worden bevestigd, ze veroorzaken een te grote plaatselijke verwarming en verlichting van het schilderij. Gebruik zoveel mogelijk lampen met een lage UV-waarde.

        Vermijd direct zonlicht en hang een schilderij niet direct tegen een buitenmuur. Buitenmuren zijn ‘s winters vochtiger en kouder dan andere muren en ’s zomers vaak warmer. Houd enkele centimeters afstand. Laat door een restaurator een achterkantbeschermer plaatsen.Zorg voor een stabiel binnenklimaat.

        Plaats de schilderijen niet vlak bij een radiator, verwarmingsrooster, kachel, ventilator, luchtbevochtiger, lamp, elektrisch apparaat of kaars.

        Hang het werk op aan een stevige haak en aan een stalen ophang- draad aan de lijst.

        Reinig de achterkant van schilderijen nooit met een stofzuiger: dit kan barsten aan de voorzijde veroorzaakten.

        Zorg voor een goede doekspanning want bij gebrekkige spanning van het doek kan het gaan bollen en vervormen. Raadpleeg hiervoor een restaurator.

        Vraag de raad van een bekwaam restaurator. Een offerte is kosteloos en geeft u een goed inzicht in welke behandeling uw kunstwerk behoeft.

       • De meeste schade ontstaat door onkunde en ongelukjes tijdens het verplaatsen van het object.